Het nog jonge bedrijf Stadium Grow Lighting (SGL) uit Waddinxveen scoort bij clubs als PSV, Arsenal en Liverpool met zijn concept voor een prima grasmat het hele jaar door. Het idee komt van rozenkweker Nico van Vuuren. “Ik was stomverbaasd dat kennis vanuit de Nederlandse tuinbouw nog niet was doorgedrongen tot de sportwereld.” De Nederlandse glastuinbouw staat op eenzame hoogte als het gaat om hightech en innovatie. Een niveau waar andere branches nog wat van kunnen opsteken. Zo verbaasde rozenkweker en amateurvoetballer Nico van Vuuren uit Waddinxveen zich al jaren over de knollenvelden in Nederlandse - en buitenlandse- voetbalstadions. Zou dat nou niet beter kunnen? Van Vuuren zag zijn kansen en ging aan de slag: “In de rozenkwekerij draait alles om het optimaliseren van de teelttechniek. Met het toepassen van
groeimodellen is nauwkeurig te berekenen wat er geproduceerd kan en moet worden. Stel dat we weten dat een vierkante meter rozengewas 250 rozen moet kunnen produceren en er komen slechts 230 rozen vanaf, dan hebben we allerlei gegevens tot onze beschikking om te kijken waar en wat er fout is gegaan. Gegevens die geregistreerd worden zijn: bodemvochtigheid, luchtvochtigheid, lichtniveau, planttemperatuur, CO2 etc. Deze data werden niet structureel geanalyseerd in de sportwereld. We hebben in eerste instantie vooronderzoek gedaan. Universiteiten, literatuurstudie, voetbalstadions bezocht en deskundigen in de sportwereld geraadpleegd. De conclusie was zeer snel getrokken, om verschillende redenen was de ontwikkeling van teelttechniek in de graswereld aan de lage kant.”
Van Vuuren zag met een drietal medevennoten mogelijkheden en startte in 1999 met onderzoek wat resulteerde in de oprichting van het bedrijf SGL in 2002 naast zijn rozenkwekerij Porta Nova (zie kader). Missie van SGL was: natuurlijk gras, in alle stadions ter wereld, het hele jaar door optimaal laten groeien, zodat het behouden blijft voor de professionele sportwereld.
Van Vuuren pakt een A-4tje en begint gepassioneerd te doceren wat gras nodig heeft om te groeien. Licht, water, CO2, temperatuur. In een mum van tijd zijn velletjes volgeschetst. Het beeld is duidelijk: de stadions worden zo groot dat er steeds minder licht binnenvalt (“Het is nu vijf uur. Dan ligt dít deel van het PSV-stadion in de schaduw”). De graszode kan zich niet ontwikkelen, vooral niet in de donkere wintertid. Ondertussen wordt de grasmat met slidings en noppen belaagd. Het resultaat is ’s winters een
knollenveld. Voor amateurs hoort het bij de charme van het voetbal. Voor toptrainers en topvoetballers is een slecht veld een enorme ergernis.