Wie als ondernemer nog geen zaken doet met het Midden-Oosten is dom. Ten minste als u alle media-aandacht moet geloven. Het lijkt alsof het geld in het Midden-Oosten voor het oprapen ligt. Maar is dat ook zo? Drie ondernemers over hun ervaringen in het Midden-Oosten.
| Wie: |
Richard Vlasman |
| Bedrijf: |
Vlasman betonbewerkings- en slooptechnieken BV |
| Branche: |
bouw en sloop |
| Project: |
ontmanteling van 60 meelsilo's |
| Land: |
Koeweit |
“Via ons Duitse dochterbedrijf zijn we aan de opdracht gekomen om zestig meelsilo’s in Koeweit-Stad te ontmantelen. Een Duits ingenieursbureau, waar wij al een aantal opdrachten met succes voor hadden uitgevoerd, heeft ons voorgedragen. Samen met twee andere bedrijven hebben we toen in Koeweit een presentatie gehouden voor de opdrachtgever, Kuwait Flour Mills & Bakeries, één van de grootste voedingsbedrijven in het land. Het sloopwerk stelt niet veel voor, het moet alleen snel gebeuren. Daarom hebben ze ons gekozen. Er zijn Indiërs die de klus tegen een beduidend lagere prijs in twintig maanden konden klaren. Wij doen het in twintig weken omdat we gebruik maken van specialistische machines. Uiteindelijk hadden wij het beste plan. Nadat ze je hebben gekozen, begint het onderhandelen pas.”
“In totaal zijn we ongeveer drie maanden bezig geweest voordat alles rond was. Ik ben ongeveer vijf keer heen en weer gevlogen. Het is belangrijk dat je daar je gezicht laat zien. Tijdens de onderhandelingen hebben we constant met een aantal vertegenwoordigers van het bedrijf gesproken. Uiteindelijk ontmoet je dan ook de grote baas van het bedrijf. Daar moet het mee klikken. Doet het dat niet, dan kan je het alsnog schudden. Dat gesprek heeft welgeteld twintig minuten geduurd, toen was het rond.”
“We hebben daar nu acht man zitten die in ploegendiensten zeven dagen in de week aan het werk zijn. Eens in de twee weken gaat onze manager naar Koeweit om te kijken hoe het project loopt. Ik ga ereens per maand heen. Het is belangrijk dat je af en toe wel je gezicht daar laat zien, zowel voor het personeel als voor de opdrachtgever. De grote baas heb ik overigens niet meer gezien. Maar dat schijnt gebruikelijk te zijn. Zodra de contracten getekend zijn is de klus voor hem geklaard.”