Voor wat het waard is, de Nederlandse industriesector heeft het dus he-le-maal gehad met minister Van der Hoeven. Vandaag valt er een woedende brief bij haar op de mat. De rest van Nederland kan meegenieten in de krant van wakker Nederland: "Haar gebrek aan daadkracht is schrijnend. Het is de hoogste tijd voor minder woorden en meer daden", waarschuwt FME-CWM-voorzitter Jan Kamminga. "De minister moet nu laten zien dat ze de industrie een warm hart toedraagt. Anders jaagt ze ons – met het gebrek aan beleid – het land uit."Minister Van der Hoeven is druk bezig met de Industriebrief vol ontwikkelingen en verwachtingen. De kritiek daarop van Kamminga klinkt inmiddels bekend in de oren. "Woorden als stimuleren en activeren zullen veel voorkomen. Maar wat heb je daar aan als uiteindelijk de handschoen niet wordt opgepakt? De afwachtende houding is typisch voor het huidige kabinet. Men vergeet te regeren en schuift zaken alleen maar voor zich uit."
U wilt meer? U krijgt meer. Want wat vindt Kaminga van het plan van de minister om met de sector in gesprek te gaan? "Dat wordt de grote 'Maria-show'. Wezenlijke inbreng kan niet meer worden gegeven. Wat ik tot nu toe aan concepten langs heb zien komen is schrikbarend. Blijkbaar zijn ze totaal niet op de hoogte hoe belangrijk de industrie voor Nederland is",
zegt hij in de Telegraaf. Hoe moet het dan wel?Gelukkig weet Kamminga ook hoe het wel moet. Van der Hoeven moet andere ministers overtuigen van het belang van de industrie. De Blue Card voor hoog opgeleid buitenlands personeel moet snel worden ingevoerd. Het
ORET-programma voor investeringen in ontwikkelingslanden moet weer van de grond komen. Opbrengsten van milieuheffingen moeten besteed worden aan groene maatregelen in de industrie en, o ja, het beroepsonderwijs moet beter aansluiten. "Als de minister daar werk van maakt, zijn we op de goede weg."
Reacties