Waarom met veel pijn en moeite zelf een merk in de markt zetten als u ook met een reeds bestaand merk aan de slag kunt? Hiervoor heeft u meerdere mogelijkheden. Maar let wel op de valkuilen. “De advocaat noemde me zelfs een merkenpiraat”
Toen ondernemer Robert Groeneveld een aantal jaren geleden op een voetbalbeurs rondliep, stuitte hij op oude shirts van Jansen & Tilanus, een vermaard ondergoedmerk ontstaan in 1869 en vooral in jaren 60 en 70 razend populair. “Vroeger liepen alle voetballers erin, ijzersterke shirts”, vertelt Groeneveld enthousiast, “En er is een anekdote dat koningin Wilhelmina haar Jansen & Tilanus ondergoed altijd ter reparatie aanbood bij de fabriek. Dan stuurden ze haar toch maar een nieuw setje op.”
Groeneveld werd zo gegrepen door het merk dat hij verwoed Jansen & Tilanus logo’s en shirtjes begon te verzamelen en onderzocht of hij het merk voor eigen gebruik kon deponeren. Hierbij had Groeneveld het geluk dat hij wist waar hij mee bezig was. Hij is onder meer al 18 jaar Europees merkhouder van het logo en de naam Route 66 en runt bijna even lang een merkenbureau.
Groeneveld achterhaalde dat het ondergoedmerk weliswaar gedeponeerd was door kledingbedrijf Ten Cate, maar daar al zeven jaar ongebruikt op de plank lag. “Ik ben een snuffelaar. Ik heb veel rond gebeld en heb een aantal winkels van oude afnemers van Ten Cate bezocht. Ik vroeg ze gewoon: heeft u nog spullen van Jansen & Tilanus? Ze antwoordden allemaal: daar hebben we al tien jaar geen zaken meer mee gedaan. Sommigen toonden me zelfs oude facturen.”
Doodzonde van zo’n nostalgisch merk, vond Groeneveld, maar een geluk voor hem. Want volgens internationale wetgeving had Ten Cate het merk de afgelopen vijf jaar moeten gebruiken om haar merkrecht te behouden, anders zijn anderen vrij om het te deponeren. Dit deed Groeneveld, in eerste instantie voor eigen gebruik. Maar een partner wilde het merk graag overnemen. Hiervoor moest hij via de rechter de oude inschrijving van Ten Cate wegens geen gebruik uit de registers laten schrappen.
Dit ging niet zonder hobbels, want Ten Cate kwam in actie. “Ze voelden zich in de kuif gepikt. De advocaat noemde me zelfs een merkenpiraat. Ze beriepen zich nog op internationale bekendheid van het merk maar in de krant hadden ze jaren geleden zelf geroepen dat Jansen & Tilanus niet meer bestond.&rdquo De rechter stelde Groeneveld eind 2007, na twee jaar procederen, uiteindelijk in het gelijk. Inmiddels heeft Groeneveld Jansen & Tilanus doorverkocht aan een Tilburgse ondernemer die het modemerk gaat herlanceren. Hiervoor heeft hij een goede prijs gekregen. Gebruikmaken van een ‘slapend merk’ -door het of zelf te herlanceren of door te verkopen- lijkt dan ook een uitstekende, legale manier voor slimme ondernemers die met bestaande merken aan de slag te willen.